Pagina's

Posts tonen met het label kleding. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kleding. Alle posts tonen

woensdag 7 november 2012

Beenbekleding

Mijn lagere school was een meisjesschool. Daarvoor gingen we naar de bewaarschool. Of het daar wel gemengd was, zegt mijn herinnering me niet meer. 
Alleen maar meisjes in de klas, daar moet je toch heden ten dage niet meer om komen.  Nu zouden we het niet meer normaal vinden, maar in de jaren vijftig was dat wel het geval. Zo waren de ideeën in die tijd. Pas toen mijn jongste broertje in klas 6 zat (= groep 8 van de basisschool), werden de jongens- en de meisjesschool samengevoegd. Dat zal zo rond 1965 zijn geweest.

De meisjesschool werd geleid door de nonnetjes. Maar er waren ook gewone juffrouwen als onderwijzeres. Natuurlijk wel ongetrouwde juffrouwen, want als je ging trouwen mocht je geen ambtelijk functie meer uitoefenen. Dus ook geen onderwijzeres meer zijn.
De nonnetjes waren erg streng op zedelijkheidsgebied. Zo bestond het niet dat een vrouw een pantalon droeg. Vrouwen die dat wel deden waren geen nette vrouwen!

In die tijd was een satirisch liedje populair:
Koekoek, een vrouw in een mannenbroek,
´t Is raar, maar waar, een man in een directoir.
De rest ken ik niet meer. Het werd gezongen op de melodie van de Koekoekswals. Helaas kan ik het niet terugvinden op het wereldwijde web.Wie het weet, mag het zeggen.

Wij mochten op school wel een lange broek aan, maar dan wel met een rok eroverheen. Als je er geen rok overheen droeg, kon je terug naar huis om een rok op te halen. Het is mij één keer overkomen. Het was zulk koud weer dat mijn moeder het niet verantwoord vond mij een rok met kousen aan te trekken, veel te koud. Dus kreeg ik een broek aan. Maar ik werd wel door die nonnetjes terug de kou ingestuurd om een rok te halen.

Zo'n broek in die tijd was er een van zware stof, heel wijd. Onderaan de pijp zat elastiek. Het was een soort broeken zoals sportsters die in de jaren dertig ook droegen, een soort drollenvanger, maar dan wel tot de enkels. Het was geen gezicht zo'n wijde broek onder een rok. Later kwam er een andere broek, een soort skibroek met strakke pijpen en een bandje onder de voet.

In die tijd bestond er nog geen maillot. Die kwam er pas aan het begin van de jaren zestig. Ik herinner mij die eerste maillot nog goed. Bruin met geel en prachtige motieven. Daarboven droeg ik dan een geplooide terlenka rok. Heel modern want de plooien zaten al in de stof.

Als je dan weer ouder werd, kwamen er de nylon kousen, Met een jarretel. Vreselijke ondingen. Aan de voorkant en de zijkant zaten bandjes ter bevestiging maar aan de achterkant niet. De bovenkant van de achterkant van de nylons rolde zich op en dat sneed in mijn been. Ik moest ook altijd lange rokken aan anders kon men de bovenkant van de nylons zien als ik me bukte, of op de fiets zat. Wat was het prettig toen er panty's kwamen. Nooit geen gedoe meer.

Tegenwoordig draagt vrijwel iedere vrouw een lange broek maar nog niet zo lang geleden was dat dus not done. Je kunt je dat toch niet meer voorstellen.

dinsdag 4 september 2012

De borstrok

De wat? Nou, gewoon, de borstrok. Zoiets als dit:



Onlangs was ik met iemand in gesprek en ineens ging het over borstrokken. Van die dingen, een soort hemden, die je in de winter over je hemd maar onder je trui droeg. Ze vertelde dat ze altijd van die eigengebreide wollen gevalletjes moest dragen, die de hele tijd kriebelden. 
Ik moest ook borstrokken dragen maar ik kan me niet herinneren dat ze kriebelden. Ik vond het wel vervelende dingen. Ik denk dat mijn borstrokken van katoen waren. Hard, stug katoen en dik gebreid of gehaakt. Daarom waren die borstrokken ook zo weinig meegaand. En ze zaten zo strak om je lijf, dat vond ik nooit prettig.
Ik sprak er met mijn broer over en hij zei dat het wel van die wollen dingen waren die erg kriebelden. Zo zie je maar weer dat ieder het zelfde op zijn of haar manier beleeft.
Het ergste was nog dat je er altijd in zat te zweten, het zat te warm. Dat betekende dus dat je altijd met een nat hemd tegen je lijf geplakt zat.

Naar goed katholiek gebruik zat op de borstrok , vastgemaakt met een veiligheidsspeld, een medaille van Maria. Dat beschermde je tegen het onheil in het leven.



In de zomer ging de borstrok ook wel eens aan. Mijn vader had een motor, een Norton als ik me goed herinner maar het kan net zo goed een ander merk geweest zijn. De kinderen mochten dan om de beurt bij vader achterop. Je had in die tijd nog geen fraaie motorpakken. Mijn moeder was dus heel erg bang dat we kou zouden vatten. Dus ging ook de borstrok aan op die tochten. Maar dat niet alleen: ook nog een paar wintertruien  en de winterjas. Onder de rok ging nog een dikke lange broek. En dat midden in de zomer.


De helm die we droegen lijkt op bovenstaande helm, een soort Willempie-helm. Kogelrond, het drukte aan alle kanten.

Gelukkig dragen we tegenwoordig geen borstrokken meer. Als het in de winter koud is, doe je een T-shirtje of zo onder je kleding.